Terwijl de topsportwereld om ons heen steeds meer in krachten bundelen denkt, is in Nederland nog altijd de wil van PAF wet. Voor de goede orde, PAF staat voor het pact tussen PSV, Ajax en Feyenoord. In de rug gedekt door zowel de KNVB, Eredivisie CV als Coöperatieve Eerste Divisie.
Zo werd het ambitieuze AZ in 2020 klein gehouden, toen de competitie vanwege covid stil werd gelegd, op het moment dat Ajax en AZ gelijk aan kop stonden. Hoewel de reglementen er niet in voorzagen, werd Ajax toch door de KNVB tot kampioen uitgeroepen en kregen de Amsterdammers een ticket voor de Champions League in de schoot geworpen.
Dat was nog niet alles. Niet alleen kreeg Ajax de titel cadeau, ook de complete startpremie van 34 miljoen euro. De toenmalige KNVB-directeur Eric Gudde negeerde de optie van een eerlijke verdeling tussen Ajax en AZ en zo kon het gebeuren dat in een branche die als een bedrijfstak geldt, de ene partij alles en de ander niets zou krijgen.
De Nederlandse media lieten het gebeuren en werd AZ zelfs van Calimero-gedrag beticht toen de Alkmaarders geen genoegen met het besluit namen. Aldus kon AZ naar de miljoenen fluiten, was Ajax door de KNVB gematst en kon worden verbloemd dat de Amsterdammers toen al in financieel zwaar weer zaten. In de hand gewerkt door een exorbitant hoog uitgavenpatroon, zowel qua salarissen als op de transfermarkt.
Zo werden er ten faveure van de PAF twee vliegen in één klap geslagen. AZ was zowel sportief als financieel op afstand gehouden en Ajax kon nog even het gevoerde wanbeleid camoufleren.
Vijf jaar later heeft AZ de aanval op de traditionele top 3 moeten afblazen en likt Ajax nog altijd de wonden van een pijnlijke terugval uit de Europese top. Zo heeft het Nederlandse topvoetbal zichzelf in de voet geschoten. In plaats van de subtop aan te sterken, om zo in Europa extra punten te scoren voor het allesbepalende UEFA-coëfficiënt, zijn AZ, FC Utrecht en Go Ahead Eagles nu kansloos tegen de Europese subtop. Net als Ajax en Feyenoord.
Zo staan ze allemaal paf.

